Waarom ‘samen om tafel’ misschien wel de belangrijkste zorgvernieuwing is

ggz mentale gezondheid mentiek
Auteur zonder afbeelding icoon
Miriam Visser
13 maart 2026
7 min

Dit artikel is geschreven in samenwerking met VGZ

Patricia* zit aan een tafel in een rustige ruimte van het gemeentehuis van Gorinchem. Bij haar zitten een behandelaar voor geestelijke gezondheidszorg (ggz), een welzijnscoach en een vriendin. Ze is nerveus, maar ook opgelucht: binnen twee weken kon ze hier terecht. Dat is nieuw.

Ze is moeder van zes jonge kinderen. Door straatvrees, schulden en eerder huiselijk geweld werd haar wereld steeds kleiner. Hulp bij haar straatvrees lukte niet: ze durfde niet alleen naar afspraken en had niemand die structureel met haar mee kon. Behandeling aan huis paste in haar geval niet binnen het ggz-aanbod, omdat er tegelijk hulp nodig was rond veiligheid en welzijn. Intussen stapelden de problemen zich op: een juridisch conflict met een ex-partner en zorgen rond een kind met gedragsproblemen.

Eerst begrijpen, dan verwijzen

Op 4 februari 2026 vieren we de start van Mentiek in de regio Gorinchem-Drechtsteden. Dat is een gezamenlijke aanpak rond mentale gezondheid. Gemeenten, huisartsen, ggz-instellingen en zorgverzekeraar VGZ werken daarin samen. In dit artikel vertellen verschillende betrokkenen hoe Mentiek anders omgaat met mentale klachten.

Het uitgangspunt van Mentiek: veel mentale klachten hangen samen met problemen in het dagelijks leven. In overleg met hun huisarts kunnen mensen uit de regio daarom al vóór een verwijzing naar de ggz in gesprek met een professional uit de ggz en een professional uit het sociaal domein. De plek van het gesprek verschilt per gemeente: soms in het gemeentehuis, soms in een buurthuis of ergens anders.

Samen kijken ze wat er speelt in hun leven als geheel en wat daar nú aan te doen is. Dat kan ggz-zorg zijn, maar ook hulp vanuit een team in de buurt, het eigen netwerk of stappen die iemand zelf al kan zetten. Zo ontstaat sneller duidelijkheid over waar een inwoner mee aan de slag kan. Dat verkleint de kans dat mensen op een verkeerde lange wachtlijst voor de ggz belanden en dat klachten erger worden.

“We lopen al jaren tegen dezelfde problemen aan”, zegt Els van Bezouwen. Zij is bestuurder van Yulius (ggz en gespecialiseerd onderwijs) en een van de partners binnen Mentiek. “Te veel vraag naar ggz, partijen die langs elkaar heen werkten en te weinig personeel. Daardoor zijn de wachttijden te ver opgelopen. Terwijl hulp buiten de ggz soms passender is.”

“Dat heeft alles te maken met waar psychische klachten ontstaan”, legt Gemma Smid uit, concerndirecteur samenleving en wijken bij de gemeente Dordrecht. “Vaak ligt de oorzaak in de leefsituatie. Schulden, problemen met wonen of onveiligheid leggen veel druk op mensen. Zolang die omstandigheden blijven bestaan, is alleen het mentale probleem behandelen zelden duurzaam. Juist daar kunnen gemeenten het verschil maken.”

“Samen om tafel klinkt dan logisch, maar zo werkte het lange tijd niet”, vertelt wethouder Harmen Akkerman van de gemeente Molenlanden. “Gemeenten richtten zich vooral op welzijn, zoals schulden, wonen en veiligheid, terwijl de ggz keek naar mentale klachten en diagnoses. Daardoor bleef iedereen bij zijn eigen deel en kwamen mensen vaak weer terug bij de huisarts.”

Van Bezouwen (Yulius): “Dan ga je naar elkaar wijzen. Niet uit kwade bedoelingen, maar omdat je elkaars wereld niet goed kent. De regels, de verantwoordelijkheden, wat wel en niet kan. Zolang je die gesprekken niet echt samen voert, vallen mensen ertussen.”

Geen projectje

Juist daarom de opdracht uit het landelijke Integraal Zorgakkoord (IZA): samenwerken tussen gemeenten, zorgverleners en zorgverzekeraars. “Dat is geen projectje, maar een systeemverandering”, legt VGZ-transitiemanager ggz Erwin Hol uit. “Dat vraagt om meer dan goede wil. Gemeenten werken met rijksgeld, zorgverleners met verzekeringsgeld. Daar horen andere regels en verantwoordelijkheden bij. Om goed samen te werken, moet je elkaars wereld leren kennen en begrijpen. Gemeenten zijn bijvoorbeeld bang dat kosten van de verzekeraar naar hen verschuiven. Dat is voor nu geregeld via het IZA, maar over de betaling op langere termijn moeten nog afspraken worden gemaakt.”

In de regio Gorinchem-Drechtsteden kozen partijen er daarom vanaf het begin voor om gelijkwaardig samen op te trekken. Ze wilden al in 2023 aan de slag, maar konden pas verder toen de landelijke afspraken waren uitgewerkt. Ook lokaal kostte het tijd om de financiering goed te regelen. Maar nu is Mentiek van start.

Dat betekent: minder doorverwijzen naar de ggz, waardoor minder mensen maanden hoeven te wachten op een intake. In plaats daarvan bepalen betrokkenen samen of er iets anders is dat iemand nú kan helpen. Dat leggen zij vast in één helder advies voor de inwoner en de huisarts. Mensen die direct specialistische ggz-zorg nodig hebben, verwijst de huisarts nog steeds meteen door.

Lees ook: Hoe mentale ge­zond­heids­net­wer­ken de ggz en huisartsen ontlasten

Het verkennend gesprek

Terug naar Patricia. Het gesprek begint met een open vraag: waar wil je dat het vandaag over gaat? Ze vertelt haar verhaal. Daarna vullen ze samen een zogenoemd spinnenweb in, een hulpmiddel uit de Positieve Gezondheid. Dat brengt verschillende levensgebieden in kaart, van mentale veerkracht tot sociale relaties. “Het helpt om breed te kijken”, zegt Emmie van Esveld, ggz-behandelaar bij Mentiek. “Niet alleen naar klachten, maar ook naar wat al wél werkt.”

Al snel wordt duidelijk waar de grootste druk zit voor Patricia: haar straatvrees en het juridische conflict over haar kind. Maar ook wat steun biedt komt naar voren: een goede vriendin. En haar oudste zoon, met wie ze soms naar buiten durft.

Het gesprek duurt twee uur en de zorgverzekeraar vergoedt het. Patricia gaat naar huis met het ingevulde spinnenweb en concrete adviezen op papier. Voor het eerst in lange tijd voelt een volgende stap haalbaar. En die stap is voor nu nog geen ggz-verwijzing.

Herstel begint breder

“Mentiek is er vooral voor mensen bij wie problemen zich opstapelen”, vervolgt Van Esveld. “Maar soms meldt de huisarts ook mensen aan die vooral bevestiging nodig hebben. Dat wat ze meemaken niet vreemd is, en dat ze al veel goed doen.” Ze noemt een man met angstklachten die dagelijks mediteerde. “Dat bleek een sterke basis om met zijn klachten om te gaan. Op de meeste levensgebieden ging het goed met hem. In het gesprek leerde hij zijn klachten meer te accepteren, in plaats van er steeds tegen te vechten. Voorheen zou de huisarts zo iemand waarschijnlijk hebben doorverwezen naar de ggz. Simpelweg omdat er geen andere route was om dit samen te verkennen.”

Sacha Smits, huisarts en kaderarts ggz bij Huisarts en Zorg, ook een van de betrokken organisaties, herkent dat. “Veel klachten zijn geen psychische stoornis, maar een begrijpelijke reactie op het leven: stress, geldzorgen, verlies. Is er wél een stoornis, dan kan een diagnose helpen. Maar herstelgerichte zorg begint met een andere vraag: wat kan iemand zelf al, en wat helpt om prettiger verder te leven? Soms is dat steun uit de omgeving of begeleiding via welzijn. Soms is dat een ggz-behandeling.”

Geen extra loket

“Mentiek is geen nieuw loket”, benadrukt Van Bezouwen (Yulius). “Het is een andere manier van kijken: niet meteen doorverwijzen, maar eerst samen begrijpen wat er speelt en wie kan helpen.”

In Patricia’s geval betekent dat een andere volgorde. Eerst begeleiding thuis via de gemeente om weer naar buiten te durven. Hulp bij schulden en het juridische conflict. Mogelijk aansluiting bij een vrouwengroep of online community. Behandeling in de ggz komt pas later in beeld, als dat nog nodig is. “Minder snel doorverwijzen naar de ggz betekent niet mensen loslaten”, vult Akkerman uit Molenlanden aan. “Het betekent juist: op tijd helpen.”

Niet elke gemeente start tegelijk met Mentiek. De regio Gorinchem draaide al proef. De regio Drechtsteden is bezig het te verbinden met bestaande voorzieningen, zoals wijkteams en De Herstelacademie. “Zo houden we het overzichtelijk voor inwoners”, zegt concerndirecteur Smid. “Mentiek vraagt om maatwerk per gemeente, en dat we allemaal iets loslaten van onze vertrouwde werkwijze.”

Wanneer is Mentiek geslaagd?

“Niet bij een exact getal”, antwoordt Van Bezouwen (Yulius). “Maar als mensen sneller hun weg vinden. En als wij onze specialistische zorg inzetten waar die het meeste nodig is.” Of dat lukt, moet nog blijken. Het netwerk staat pas net. Wat nu al zichtbaar is: professionals weten elkaar sneller te vinden. “We zijn gestopt met vragen: van wie is dit probleem?”, zegt Akkerman van Molenlanden. “We kijken nu: wat helpt deze persoon verder?”

Het gesprek met Patricia loopt ten einde. Haar vriendin blijft betrokken als steun. “Daarom vragen we mensen om iemand mee te nemen”, licht behandelaar Van Esveld toe. “Het netwerk om iemand heen is minstens zo belangrijk als professionele hulp. Soms helpt het ook als er een ervaringsdeskundige aanschuift.”

Als Patricia het gemeentehuis verlaat, oogt ze rustiger dan bij binnenkomst. Ze weet waar ze kan beginnen. De volgende stap ligt bij haarzelf: ze vraagt bij de gemeente hulp aan via de Wet maatschappelijke ondersteuning. Een begin dat past bij haar leven.

* Patricia’s echte naam is bekend bij de redactie. Ook zijn enkele details aangepast vanwege haar privacy.